In deze inmiddels zesde column over het onderwerp “toekomst van duivensport”, deze keer geen (ex) NPO medewerker of iemand met bestuurlijke ervaring aan wie ik mijn vragen heb voorgelegd. Maar dit keer een gewone liefhebber die sinds kort gepensioneerd is en daardoor meer tijd voor de duivensport heeft en die zich net als veel anderen zorgen maakt over het voortbestaan van de duivensport. Dit is een onderwerp waar velen een mening over hebben. Wanneer je de columns/minireportages terug leest met de voorgaande 5 liefhebbers met wie ik over dit onderwerp sprak, zie je behalve overeenkomsten ook dat een ieder de nadruk op een ander aspect legt. Zo gaf Jurgen Menkhorst, die een paar jaar bij de NPO op het bureau heeft gewerkt, aan dat het inspelen op nieuwe wetenschappelijke inzichten en het gebruik maken van nieuwe kennis en technieken, noodzakelijk is voor de duivensport om te overleven. Hij vindt dat hier tot nu toe te weinig gebruik van wordt gemaakt. Tony Berlijn, die het lef had om een nieuw duivensportblad uit te brengen, noemde als één der oorzaken waarom steeds minder mensen warm lopen voor de duivensport, het feit dat de duivensport dikwijls alleen maar negatief in het nieuws is. Er wordt naar zijn mening te weinig positief over de duivensport geschreven.

Gerhard Bolks gaf aan dat de meerderheid in onze huidige maatschappij gericht is op simpel vermaak, zonder dat je er veel inspanning voor hoeft te leveren. In zo’n maatschappij past geen duivensport waarbij je alleen succesvol kunt zijn als je je voor 100 % inzet. Henk Ouderdorp sloot zich hierbij aan en noemde de duivensport een tijdrovende sport die steeds moeilijker is in te passen in het hedendaagse levenspatroon. Ook Gerrit en Christiaan Beelen gaven aan dat in het verzorgen van de duiven erg veel tijd gaat zitten, wat met een fulltime baan soms lastig is te combineren. Alleen omdat ze het samen doen en de taken verdelen is het op te brengen, gaven zij aan. De genoemde oorzaken dragen allemaal een deel van de oorzaak en ook een mogelijke oplossingsrichting in zich. Waar ze het echter alle 5 over eens zijn is dat het toenemend aantal roofvogels in ons land een grote bedreiging is voor het voortbestaan van de duivensport.

De 68 jarige Tiemen van Velde uit Wapenveld kan hier over meepraten. Tiemen die woonachtig is in een bosrijk gebied in de IJsselvallei aan de rand van de Veluwe, ondervindt ook veel overlast van de roofvogels. Tiemen die vanaf zijn 9e jaar duiven heeft en met een onderbreking van een paar jaar, ook bijna altijd heeft meegevlogen, voor zover zijn werk dit toeliet;

“Er zijn altijd wel roofvogels geweest in dit gebied. En er werd ook wel eens een duif gepakt, maar wat je nu ziet is niet normaal meer. Op sommige momenten als ik mijn duiven los heb, jagen er wel drie roofvogels tegelijk op de duiven. Het is ongelofelijk als je dat ziet en je houdt je hart vast. Je durft ze gewoon niet meer los te laten. Het is een echte plaag geworden. Ik kan niet begrijpen waarom er zoveel nestkasten voor Slechtvalken worden geplaatst. Alleen al in Zwolle zijn er drie vaste broedplaatsen bekend, namelijk het gebouw van For Farmers, een zendmast langs de Vecht en bij de IJsselcentrale. Dat is toch veel te veel? En dan broeden hier in de buurt ook nog een paar koppels Haviken. Iedereen met een beetje verstand van de natuur ziet toch dat dit uit de hand is gelopen? De natuur in ons land moet beheerd worden, anders loopt het uit de hand. Kijk maar naar het grote aantal wilde zwijnen hier in de omgeving en wat er afgelopen winter speelde met de grote grazers bij de Oostvaardersplassen. Ik heb ook beslist geen hekel aan roofvogels maar ik pleit dus voor een normale populatie roofvogels die beheerd wordt.”

Een van de andere genoemde oorzaken van de terugloop van de duivensport is dat er veel tijd mee gemoeid is. Vooral wanneer je ook iets wilt presteren. Dat geeft Tiemen ook aan. In de jaren 80 kon hij werk en duivensport beter combineren dan tijdens de afgelopen 25 jaar. In die periode, vooral tussen 1986 en 1990, werd menige mooie uitslag gemaakt. Vooral op de wat verdere afstanden, bijvoorbeeld op Bergerac. Zo vloog hij ooit een 2e van de afdeling op Bergerac met een duif die op het programma altijd te laat kwam. Omdat Tiemen altijd moeite had om duiven weg te doen, speelde hij hem op Bergerac met genoemd resultaat. Dit gebeurde hem later ook nog eens. Tiemen had een duif met roze oogranden waarin waarschijnlijk nog wat Janssen A. bloed zat. Hij zag wel iets in deze duif. Maar na minstens 30 x te zijn ingekorfd zonder ooit op de uitslag te hebben gestaan, was het geduld bij Tiemen toch op. De duif werd ingekorfd op Bergerac en tot zijn grote verbazing speelde die een 1e in de cc. Deze duif werd daarna nog 3 à 4 jaar op de fond gespeeld en mistte daarop nooit meer prijs. Tiemen is zijn hele leven al werkzaam in de horeca en heeft jarenlang een eigen zaak gehad.

“Op een gegeven moment kon ik nauwelijks nog tijd voor de duiven vrij maken. Vooral ’s avonds en in de weekeinden moest ik op de zaak zijn. Dus wanneer er moest worden ingekorfd en de klok moest worden afgeslagen, en natuurlijk op de vluchtdag zelf moest ik steeds vaker verstek laten gaan. In de 90er jaren heb ik toen op een paar duiven na alles verkocht. Hierbij zat ook de 700, de beste duif die ik ooit gehad heb. Dat ging me wel aan mijn hart maar ik kon het gewoon niet meer bijhouden. Ik heb gedurende een aantal jaren toen alleen duiven voor de aardigheid gehad en speelde niet meer mee. Later heb ik de draad weer opgepakt, maar op een laag pitje. Sinds kort ben ik met pensioen en kan ik weer wat meer aandacht aan de duiven geven. Mijn streven is om in de nabije toekomst weer leuk mee te gaan doen. Net als in de jaren tachtig zal het accent op de dagfond en overnachting worden gelegd. Dat past het beste bij me. Ik heb het karakter van een fondspeler.”

Wanneer ik schrijf over de toekomst van de duivensport bedoel ik daarmee de toekomst van de duivensport in ons eigen land. Recent is onze sport op de lijst Nationale Inventaris Immaterieel Cultureel Erfgoed komen te staan. Dit heeft weer wat positieve aandacht voor de postduivensport opgeleverd. Daarnaast is de duivensport momenteel in het nieuws vanwege het grote aantal duiven dat door roofvogels wordt gepakt. Dit soort aandacht zal niet meteen honderden nieuwe leden opleveren, maar alle aandacht voor de duivensport is meegenomen en uiteraard vooral als dat positief is. In dat opzicht denk ik dat Tony Berlijn zeker gelijk had toen hij aangaf dat de duivensport vaker positief in het nieuws moet komen. Hier ligt niet alleen een verantwoordelijkheid voor de NPO maar ook de liefhebbers zelf kunnen hier invloed op uitoefenen. Een mooi voorbeeld vond ik de uitzending op Omroep Flevoland vorig jaar waarin de twintiger Jelissa van Ooijen-Kollen uit Marknesse liet zien hoe zij de duivensport beleeft.

Zij gaf aan als kind begonnen te zijn en geen familieleden met duiven te hebben. Dat zie je tegenwoordig maar zelden. De meeste jonge liefhebbers hebben de liefhebberij van een familielid meegekregen. Ook Tiemen die destijds door de man van zijn oudere zus met de duivenbacil is besmet. Dit was de heer Roke in Heerde, destijds een goede vlieger. Ik vroeg Tiemen waar volgens hem de nieuwe leden vandaan moeten komen, bij de jeugd of wellicht bij gepensioneerden.

“Ik geloof niet dat in de huidige tijd de duivensport de jeugd veel te bieden heeft. Die willen doorgaans snel succes zien en dat zal op een enkele uitzondering na, niet gaan lukken. Maar daar tegenover staat dat er zoveel oudere mensen zijn die niets te doen hebben. Je hoort en leest regelmatig over ouderen die na hun pensioen in een zwart gat zijn gevallen. Voor zulke mensen kan de duivensport veel betekenen. Met postduiven val je nooit in een zwart gat. Er is altijd wat te doen. En daarnaast zijn de ontspanning en de rust die het omgaan met duiven je geven van onschatbare waarde. Maar het moet wel hobby blijven, anders is het gedaan met de ontspanning. De meeste jongeren die met de duivensport beginnen willen presteren en ’s winters op het podium staan. Die drive om te willen winnen en daar alles voor over hebben, zullen de meeste ouderen niet meer zo hebben.”

Ik denk dat Tiemen met het bovenstaande zeker gelijk heeft. Ouderen blijven actiever als ze duiven hebben. En duivensport is een goed middel tegen eenzaamheid. Enerzijds door de contacten die je door de duivensport hebt en anderzijds vanwege het contact met je duiven. Toch zijn er ook maar weinig ouderen die met de duivensport beginnen. Ik vroeg Tiemen of hij een idee had hoe dat zou komen.

Persoonlijk vind ik dat er niets mooier is dan postduiven houden. Maar in de duivensport gaat er veel geld om en dat schrikt veel ouderen af. Van een gemiddeld pensioentje kun je immers geen gekke dingen doen.  En als ze horen van de enorme bedragen die er soms voor duiven betaald worden, ontstaat al snel de gedachte dat de duivensport niets voor hen is. Ten onrechte dus! Als deze doelgroep zou beseffen dat ze zonder al te grote doelen te stellen ook heel veel plezier aan de duivensport zouden kunnen beleven, zouden er beslist meer gepensioneerden met duiven beginnen. Maar nu zien en ervaren ze dat de mindere goden altijd een stapje achter lopen. Deze kunnen het niet bijhouden. Met wat meer aandacht hiervoor en door zich te verplaatsen in de beginnende liefhebber, die niet in het computertijdperk opgegroeid is, en een niet al te volle beurs heeft, zou er vanuit de verenigingen veel gedaan kunnen worden om de duivensport te behouden.”

Tot zover Tiemen die tot slot nog opmerkt dat hij hoopt dat de duivensport nog lang zal blijven bestaan. Dat sommige dierenbeschermingsorganisaties en de Partij voor de Dieren daar anders over denken, heeft volgens Tiemen ook een positieve kant en dat is er dat meer toezicht is op het welzijn van de duif. Het belang van de duif moet altijd voorop staan, vindt hij.

Nico van Veen



IN DE KIJKER

Uw website 1 jaar naast elk artikel?

Bekijk onze tarieven om te adverteren!

GESPONSORDE LINKS

SPONSOREN

TOPPERS IN BEELD

Combinatie Kroesen uit Klazienaveen

Drukt neus aan het venster met diverse kampioenschappen in afdeling 10. Als we de klok zeg maar 10 jaar terug zetten ...

Topper in beeld

Theo Streefkerk en zoon, Ameide - ...

Inleiding Theo Streefkerk is een heel bekende naam onder de mannen van het zware labeur. Iedereen heeft zijn naam ...

Topper in beeld

Klip - Verhagen, Rotterdam

Klip – Verhagen (Rotterdam) Wat kunnen we nog schrijven over deze combinatie. Al jaren staan ze aan de top van de ...

Topper in beeld

KEEK OP DE WEEK

John Logemann - vooruitblik -

Het is zaterdagmorgen. In de verte hoor ik het geluid van de Sinterklaas intocht bij het dorpshuis, ieder jaar weer ...

John Logemann

Evelien's Journaal - Nog even ...

De HABRU dag in Doetinchem, waarover ik schreef in mijn vorige journaal, is na de veiling van de vele geschonken ...

Evelien's Journaal

Juiste volgorde - John Logemann

Hoewel ik mij liever met de duiven bezig hou en met de mensen die zich met duiven bezig houden, ben je hoe dan ook ...

John Logemann

COLUMNS

Nico van Veen - Duivensport in ...

Tijdens mijn vakantie in Griekenland had ik zoals gewoonlijk een duivendag ingepland. Van te voren had ik via ...

Nico van Veen

John Logemann - vooruitblik -

Het is zaterdagmorgen. In de verte hoor ik het geluid van de Sinterklaas intocht bij het dorpshuis, ieder jaar weer ...

John Logemann

Wintervoer en wintervorm - Willem Mulder

. Wie heeft niet eens de wens om een tijdje op een onbewoond eiland te zitten? Ver van huis en de dagelijkse zorgen. ...

Willem Mulder