Is succes in de duivensport af te dwingen door veel te investeren in tijd en geld? Ik denk dat dit wel geldt voor kortstondig succes, maar om jarenlang aan de top te blijven is er mijn inziens meer nodig. Ik sprak hierover met Louis Vollebregt uit Wassenaar, de helft van Team Vollebregt en voorheen gebroeders Vollebregt. De inmiddels 54 jarige Louis ken ik al vanaf dat hij een jongen van een jaar of zeven/acht was. In 1970 begon ik als 13 jarige met postduiven in Wassenaar en met mij bijna gelijktijdig startte ook mijn naamgenoot en toenmalig vriendje Nico Vollebregt, samen met een ander vriendje Dave Onvlee. Wij drieën waren in Wassenaar de enige jeugdleden en trokken met elkaar op tot aan mijn verhuizing naar Aalsmeer halverwege 1972. Louis die een jaar of zes jonger was dan zijn broer Nico, was toen al veel bij de duiven van zijn broer te vinden. Tot vorig jaar hadden we geen contact meer. Nadat Louis een website had laten maken en ik las hoe goed hij al jarenlang presteert samen met zijn broer en later met diens vrouw Ruth, nam ik contact met hem op. Een tweetal leuke bezoeken volgde.

Louis is 54 jaar en zit zoals gezegd vanaf zijn kinderjaren in de duivensport. Na de start in 1971 samen met zijn broer Nico werd de eerste 10 jaar met wisselend succes op de programmavluchten gespeeld. Vanaf 1981 werden de bakens verzet naar de overnacht en volgden de grote successen al snel. In de jaren 80 en negentig werden diverse overwinningen in groot verband behaald. In de beginjaren tachtig waren dat kopprijzen op nationale klassiekers als St Vincent, Dax en Bergerac. Vanaf eind jaren 80 kwamen daar superuitslagen op Barcelona bij en werd bijvoorbeeld in 1990 het fondkampioenschap van de sterke cc Zuid Holland binnengehaald met toen nog 7000 leden. En de afgelopen 25 jaar zijn ze in de uitslagen van nationaal en internationaal Barcelona niet meer weg te denken. De afgelopen jaren spelend onder de naam Team Vollebregt samen met zijn schoonzus Ruth en ook nog enige tijd met hulp van Klaas Krom.

Om bijzondere resultaten te behalen is specialisatie noodzakelijk zegt Louis. Je moet jezelf een duidelijk en haalbaar doel stellen en daar een planning voor maken. En beslist niet tussendoor van doel veranderen of je planning wijzigen. Met haalbaar bedoelt hij dat je het zo simpel mogelijk moet houden. Maar dat betekent niet dat de successen vanzelf zullen komen. Succes zonder inspanning is niet mogelijk zegt Louis. Vooral een zeer stipte verzorging is volgens hem heel belangrijk. Maar andere zaken als gedwongen training bijvoorbeeld, iets waar velen bij zweren, vindt Louis overbodig.

“Een duif in vorm traint uit zichzelf lang genoeg. Veel belangrijker is het opvoeren. De tank moet eerst goed leeg zodat die daarna weer gevuld kan worden. Duiven vliegen zichzelf in vorm, rust is ouderwets. Ze moeten zoveel mogelijk mee met de wagen, dat is moderne duivensport.”

Naast het werk en de duiven is er in het vliegseizoen geen tijd voor andere hobby’s.

“Tijd en energie stoppen in andere liefhebberijen/sporten enz. gaat altijd ten koste van de duiven. Op het podium kom je vaak dezelfde mensen tegen en dat is niet zomaar. Velen kunnen niet jarenlang achtereen dezelfde grote inzet voor hun duiven opbrengen. Maar voor ons geldt dat onze inzet wordt beloond. Inmiddels hebben wij al 35 vluchten achter elkaar goede tot zeer goede prestaties behaald op de zware fond klassiekers. Wat wil je nog meer? Maar natuurlijk gaat hier ook niet alles altijd even voorspoedig. Tegenslagen heeft iedereen wel eens. Zo hebben ook wij bijvoorbeeld veel last van roofvogels en wordt er nog wel eens een goede duif slachtoffer van deze rovers.”

Om op dit niveau te spelen en al zo’n 30 jaar stand te kunnen houden zonder in duiven te investeren is maar zeer weinigen gegeven, tenzij je er in bent geslaagd om een eigen stam op te bouwen gebaseerd op enkele zeer goede basisduiven, zoals bijvoorbeeld Herman van Helmond de hoofdpersoon van mijn vorige column. Dat laatste is bij Louis echter niet aan de orde. Van een eigen stam kun je bij hem niet spreken hoewel er wel een flink aantal aan elkaar verwante duiven zijn hokken bevolken. In grote lijnen komt het bij hem neer op vier basislijnen. Dit gebaseerd op zijn wens om voor ieder weertype duiven te bezitten. Deze duiven worden onderling gekruist. Zijn ervaring is dat hij met kruisen meer resultaat heeft dan met inteelt. Er wordt dus door Louis geïnvesteerd in duiven en goedkoop zijn deze aankopen niet, want Louis wil alleen duiven die beter zijn dan wat hij al heeft.

“Je moet altijd op zoek blijven naar betere duiven, je succes hangt voor een heel groot deel af van goede duiven. Door jonge duiven te verkopen en dit geld grotendeels weer te investeren in nieuwe aankopen wordt getracht de kwaliteit op een nog hoger peil te brengen. Ik wil nu nog alleen de echte goede Barcelonavliegers zelf aanschaffen die stammen uit een lijn van extra duiven. Elke aankoop moet beter zijn dan ik zelf heb. Omdat de kwaliteit hier al hoog is probeer ik de laatste paar jaar telkens de zo hoogst mogelijk geklasseerde van de nationale uitslag van Barcelona te kopen als de afstamming goed is.”

 Er worden dus hoge eisen gesteld aan de duiven die geschikt geacht worden om tegen de eigen toppers te zetten. Dat is in mijn optiek ook noodzakelijk want al zijn duiven moeten in staat zijn om op een zware Barcelona (1211 km) een kopprijs te kunnen vliegen. In mijn typering / verdeling van afstandsgeschiktheid betreft het dus 20 + uren duiven. Daarvan is de spoeling erg dun en moet je dus echt een studie maken van de internationale uitslagen, om te voorkomen dat je achteruit boert. Door alleen die duiven te kopen die het zelf bewezen hebben speel je al een heel eind op zeker, maar dat is slechts enkelen gegeven gezien de prijzen die dergelijke duiven tegenwoordig op brengen.

Voor Louis is het vanzelfsprekend dat hij veel tijd steekt in het observeren van zijn duiven. Hij kent alle prestaties en de afstamming van elke duif op zijn hok uit zijn hoofd. Daarnaast observeert hij ze voortdurend als hij in of rond het hok is.

Het gaat om aangewezen duiven, je moet ze daarom ook goed kennen, hoe minder goed je je duiven kent, des te kleiner de kans dat je echt tot de uitblinkers zult behoren. Topvorm laat zich vaak in kleine gedragsveranderingen zien.”

Herman van Helmond die in de vorige column centraal stond gelooft alleen maar in goede duiven, met een normale verzorging en de juiste motivatie. De rest is volgens hem bijzaak. Hoe kijkt Louis tegen zo’n uitspraak aan?

Daar ben ik het grotendeels mee eens, maar ik vind het ook wel heel belangrijk dat de duiven helemaal schoon de mand in gaan, dat versta ik zelf dan onder een normale verzorging. In het vliegseizoen vindt er dus wel medische begeleiding plaats, maar alleen het noodzakelijke. Er wordt geen systeem van een dierenarts gevolgd, maar er is wel regelmatig contact met de praktijk van Hans van der Sluis/Stefan Göbel. In de winterdag krijgen de duiven een paratyfus kuur, tijdens het broeden 2x een kuur tegen het geel en er wordt gedruppeld tegen luizen en wormen. Alles in overleg en met de producten van Hans van der Sluis/Stefan Göbel. Tegen Coccidiose en Ornithose wordt normaliter alleen iets gedaan als dit vastgesteld wordt. De laatste jaren heb ik ze voor aanvang van de fondvluchten behandeld tegen ornithose.”

De uitspraak van Herman van Helmond dat alleen met een zeer strenge selectie de top kan worden bereikt, is Louis uit het hart gegrepen.

“Selecteren bij de kwekers is trouwens veel belangrijker dan bij de vliegers. Dat doet de mand wel. Sommige vliegers gaan pas goed presteren op de leeftijd van 3 jaar. Voor de kwekers geldt dat wanneer er na twee jaar geen jongen van over zijn, ze opgeruimd worden.Je moet alleen maar uit je allerbeste duiven kweken.”

Louis kan het zich permitteren om al zijn gekweekte jonge duivinnen te verkopen. Hij speelt alleen maar doffers en heeft dus niet veel nieuwe aanwas van duivinnen nodig. Er is veel vraag naar zijn jonge duiven. Uit Japan, China en Malta onder andere kan hij de vraag naar jonge duiven nauwelijks aan. Louis kweekt 50 tot 60 % jonge doffers, hetgeen ruim voldoende is voor aanvulling. Een aantal duivinnen uit de toppers worden jaarlijks geveild op Toppigeons. Louis maakt van het koppelen niet zoveel werk. Zijn stelregel is goed x goed, maar vanwege de vele buitenlandse kopers worden ook op verzoek van de koper ook wel koppels samengesteld zoals de koper ze graag gekoppeld heeft.

“Je moet ook wat geluk hebben. Het ene jaar kweek je bijvoorbeeld 15 goede tot zeer goede duiven en het jaar daarop maar twee. Ze worden wel goed aan de tand gevoeld. De jongen worden op de navlucht ingespeeld en moeten als jaarling elke week mee vanaf het begin tot en met de dagfond.”

Tot zover Louis Vollebregt over de manier hoe hij het succes probeert af te dwingen en daar tot nog toe goed in is geslaagd.

Nico van Veen



IN DE KIJKER

Uw website 1 jaar naast elk artikel?

Bekijk onze tarieven om te adverteren!

GESPONSORDE LINKS

SPONSOREN

http://www.duivenvlucht.nl/images/banners/Duivenbakken.jpg

Redstar Breedingstation

TOPPERS IN BEELD

Combinatie Kroesen uit Klazienaveen

Drukt neus aan het venster met diverse kampioenschappen in afdeling 10. Als we de klok zeg maar 10 jaar terug zetten ...

Topper in beeld

Theo Streefkerk en zoon, Ameide - ...

Inleiding Theo Streefkerk is een heel bekende naam onder de mannen van het zware labeur. Iedereen heeft zijn naam ...

Topper in beeld

Klip - Verhagen, Rotterdam

Klip – Verhagen (Rotterdam) Wat kunnen we nog schrijven over deze combinatie. Al jaren staan ze aan de top van de ...

Topper in beeld

KEEK OP DE WEEK

Schoon schip

Volgens mij heeft iedereen weleens zo'n moment. Hopelijk wat vaker zelfs. Zo'n moment dat je beseft dat je nu ...

John Logemann

Onverwacht bezoek

Voorbije week moest ik voor een scan naar Utrecht. Dit was vlakbij Ron van Veggel en we zijn daar op bezoek geweest. ...

Ad de Jong

HALLO ALLEMAAL

Daar ben ik weer, terug van weggeweest. Wij hebben even een korte break gehad, of te wel vakantie. Ik kan verklappen dat ...

Evelien's Journaal

COLUMNS

Schoon schip

Volgens mij heeft iedereen weleens zo'n moment. Hopelijk wat vaker zelfs. Zo'n moment dat je beseft dat je nu ...

John Logemann

Voor wat het waard is

Piet de Weerd zei me ooit: ‘Van duiven ken ik 1%, maar dat is altijd nog oneindig veel meer dan de rest. De ...

Ad Schaerlaeckens

Roofvogelproblematiek in de Duivensport

Velen liefhebbers kampen met de problemen die roofvogels veroorzaken voor hun duiven. Vanuit duivenliefhebbers heerst de ...

Patrick Noorman